Mijn eerste Frankfurt

Ik ging dit jaar naar Frankfurt. Iedereen in het boekenvak weet: Frankfurt, daar ga je niet zomaar heen. Daarvoor moet je iemand zijn. Nou vind ik van mezelf best wel dat ik iemand ben, maar in het boekenvak ben ik een behoorlijk groentje. Ik had dan ook geen specifieke reden om naar de Buchmesse te gaan, behalve mijn persoonlijke interesse.

De Buchmesse begint op woensdag en tot en met vrijdag is het een vakbeurs; het publiek kan er pas in het weekend naartoe. Iedereen die er is, is dus op de een of andere manier werkzaam in het boekenvak. Zodra je op het beursterrein bent, maakt het niet meer uit of je een belangrijke Amerikaan bent die verblijft in het poenige Frankfurter Hof of een Nederlandse freelancer die met drie andere Buchmesse-freelancers een kamer deelt in het even verderop gelegen Frankfurt Hostel.

Het enige verschil is dat de Nederlandse freelancer nul afspraken in haar agenda heeft. Terwijl mijn collega’s dus bij de ochtendkoffie op donderdag ijverig hun agenda checkten en ervandoor renden om te spreken met buitenlandse uitgeverijen of agenten, kon ik me in alle rust verwonderen over het moois dat Frankfurt te bieden heeft. Heel veel moois. Verdeeld over vele gigantische hallen hebben alle belangrijke uitgeverijen van de wereld hun stands ingericht met het beste wat ze te bieden hebben. Natuurlijk maakte ik even een rondje langs de stands van de Nederlanders, keek ik hoe de Duitsers uitpakten en bezocht ik de hal van de Engelstalige uitgeverijen omdat ik daar het meeste van begrijp.

Maar wat ik echt mooi vond waren de Aziatische uitgeverijen. Uit Taiwan kwamen ze, Japan, Singapore. Ze hadden Engelstalige boeken (uit Singapore) en boeken die bedrukt waren met kanji waar ik geen jota van begreep, maar die er werkelijk prachtig uitzagen.

De sfeer in Frankfurt is ook bijzonder te noemen. Het is een plek waar onderhandeld wordt over rechten, zoals in het Agent & Scouts Centre waar je alleen naar binnen mag op afspraak. Het is een plek waar gelukszoekers met hun portfolio naartoe komen om uitgeverijen te overtuigen van hun meerwaarde. Het is een plek waar je crêpes kunt eten of biologische braadworsten, terwijl je op een Fatboy een boek ligt te lezen. Het is een plek waar op donderdagmiddag talloze borrels worden gehouden, waarbij de alcohol het enige is wat je nog staande houdt op je beblaarde voeten. Maar vooral is het een plek waar je gigantisch veel energie en ideeën van krijgt.

Ik kon het niet eens bijhouden, in mijn notitieboekje. Nog steeds ben ik niet bijgeschreven qua wat ik allemaal wil doen en wat ik allemaal heb bedacht. De Buchmesse heeft mij er weer eens van overtuigd dat dit is wat ik wil: boeken maken. Ze schrijven, maar ook uitgeven. Want er is zo veel wat de moeite waard is. Nu ik in Frankfurt ben geweest, ben ik ervan overtuigd dat papieren boeken een plaats verdienen in de wereld, ten minste voor de rest van mijn leven. Ik zal er alles aan doen om mijn plaats te blijven verdienen in die boekenwereld. Zodat ik, de volgende keer als ik naar Frankfurt ga en geen Frankfurt Virgin meer ben, misschien ook een paar afspraken in mijn agenda heb. Mocht ik die niet hebben, dan doe ik het gewoon net als afgelopen week: gaan, en dan maar zien wat er op mijn pad komt. Dat is namelijk al een heleboel.

5 gedachten over “Mijn eerste Frankfurt

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *