Boekenweek & boekenbal & boeken overal

Wat was het weer een fijne week voor boekenliefhebbers! Mijn wereld bestaat in een normale week al grotendeels uit boeken, maar nu bestond er helemaal weinig anders meer.
Tessa vroeg op haar blog een tijdje geleden: Wie gaat er naar het Boekenbal voor lezers? Zij woont in Leeuwarden en voor haar was het dus een thuiswedstrijd, en het leek mij erg leuk, dus ik meldde me ook aan. Toen ik ook nog meedeed aan de NTR Boekenquiz en uiteindelijk de prijs won: een viparrangement naar het Boekenbal voor lezers, wist ik dat het meant to be was. Samen met Marcel ging ik afgelopen weekend naar Leeuwarden, waar we mee mochten doen aan alle programma-onderdelen van het boekenbal die we wilden.

Onze eerste activiteit was een praamtocht door Leeuwarden met twee jonge dichters, Pauline Sparreboom en Jannes Heidinga. Zij droegen hun gedichten staand op de boot voor terwijl we vanaf het water de stad bekeken, aan het eind ook nog met wat toelichting door de schippers. We vonden Leeuwarden te voet al verrassend mooi, maar op het water was het nog leuker. Weer van de boot af na de praamtocht kreeg ik een whatsappje van Tessa dat ze ziek was en niet kon komen. Erg jammer! Gelukkig wist zij haar kaartje via Twitter nog te verkopen, maar het is echt zuur als er zoiets gaafs in je eigen stad is en je ligt ziek op bed. Gelukkig was dat – voor ons – het enige dipje van de dag.

Masterclass Bas Haring
Later die middag ging ik naar een masterclass ‘essay schrijven’ door Bas Haring, die onderhoudend vertelde over zijn aanpak en definitie van een essay. (De volgende ochtend las ik het ‘boekenweekessay’ van Jelle Brandt Corstius dat helemaal geen essay is, daarover zometeen meer.) “Een essay is een middelkort betoog dat verschillende verhalen uit je persoonlijke leven en interesse samenbrengt om één boodschap over te brengen. Wanneer je begint, vraag je je iets af en heb je een hypothese. Het fijne is dat die niet wetenschappelijk hoeft te zijn, net zomin als je conclusie. Dat maakt het essay bescheidener van aard dan een boek, en de lezer kan het er makkelijk mee oneens zijn.”

Een essay dat Haring onlangs schreef gaat bijvoorbeeld over de overtuiging dat wetenschappers ook weleens andere vormen mogen kiezen dan artikelen. Hij verwerkt daarin het verhaal van een wiskundige (die hij eens heeft geïnterviewd) die een wiskundige vorm ging haken. Samen met nog een paar andere verhaaltjes leidt dit tot de conclusie – gelijk aan zijn hypothese – dat afwijking van de artikelencultuur prijzens- en nastrevenswaardig is. Hij vertelde nog heel wat meer en beantwoordde ook vragen van aanwezigen, maar het voert wat ver om de hele masterclass hier te reproduceren. Ik vond het in elk geval erg leuk en ook leerzaam, zeker gezien de korte tijd.

(Heen en) weer naar de schouwburg
In de avond mochten we weer naar de schouwburg, eerst voor het literair diner. Dit was leuk vormgegeven; elk gerecht had een boekige naam. Het eten was ook super, vonden wij, en de porties precies op de juiste maat. We kwamen hier ook nog weer Christa Fontein (een andere deelnemer van de boekenquiz) en haar man tegen, die eveneens het viparrangement hadden. We hadden hen in het hotel ook al even gezien. De rest van de avond zijn we ze niet meer tegengekomen, want het boekenbal voor lezers was een groot evenement.

Ja, De Harmonie (de schouwburg) en het organiserend comité hebben er echt een topprogramma van gemaakt. In de foyer waren allerlei kleine activiteiten, zoals een literaire snackbar, afhaalpoëzie, een green screen waar je foto’s kon laten maken die dan in een andere omgeving werden geshopt, een grote kaart van de ‘belevingswereld’ (hier hebben we de atlas van gekocht, echt heel gaaf en een aanrader), muziek, een boekhandel, noem maar op. Daarnaast waren er twee zalen met een avondvullend literair programma en later op de avond een zaal met muziekoptredens. Wij gingen naar een van de twee zalen voor het literaire programma en daar kwamen achtereenvolgens Joost Conijn, Frank Westerman, Tsead Bruinja, Jelle Brandt Corstius, Redmond O’Hanlon, Arjan Hut en Tommy Wieringa op het podium. De presentatie tussendoor werd gedaan door Roland Duong. Het leukst vond ik het optreden van Joost Conijn, die met een vliegtuig het podium op kwam en vertelde over zijn reis naar Afrika met datzelfde vliegtuig.

Wat me echter het meest bijbleef was het optreden van Jelle Brandt Corstius, die eerst werd geïnterviewd door Roland Duong en daarna voorlas uit Arctisch dagboek. Ik zal maar gelijk bekennen: ik moest er ook om lachen. En ik kan wel begrijpen waarom hij het zo verschrikkelijk vond, daar op die boot. Maar ik vond zijn verhaal geen essay waardig en eigenlijk vind ik dat het helemaal niet gedrukt had moeten worden.

Doodongelukkig
De ochtend na het boekenbal las ik namelijk dit boekje. Ik lag in bed, Marcel stond al onder de douche, en een boekje van 60 kleine pagina’s lees je snel uit. Na het optreden van de auteur vermoedde ik al dat Arctisch dagboek (te) weinig om het lijf zou hebben, en dat was ook zo. In dit boek beschrijft Brandt Corstius zijn tijd op een cruiseschip waar hij zich doodongelukkig voelde. Gedeeltelijk kwam dat door een gebrek aan ruimte om alleen te zijn, gedeeltelijk door de vastomlijnde aard van de reis, gedeeltelijk doordat hij een hekel had aan het merendeel van zijn medepassagiers. Hij zei tijdens het boekenbal dat hij mensen benijdt die niet reizen, omdat ‘reizen eigenlijk helemaal niet leuk is’ (zie ook de vettige omelet met oud brood en een kop Nescafé in dit boekje). Maar door alles heen kun je horen dat hij zijn eigen manier van reizen en denken en leven superieur vindt aan die van een heleboel anderen.

Dat staat me tegen. Ik begrijp wel dat Brandt Corstius zich niet thuis voelde op dat schip. Geen punt, ieder zijn meug. En zo’n verhaal kan hij prima aan gelijkgestemde vrienden vertellen op feestjes: wat ik nou toch heb meegemaakt… Maar het is niet nodig en niet kies om de mensen die deze cruise maakten – avontuurlijke ouderen die niet naar de Bahama’s cruisen maar naar Rusland – keer op keer belachelijk te maken, en dat een essay te noemen. Hij heeft commentaar op hun kleding, op hun gespreksstof (ze kijken naar Zomergasten, dus ze zullen wel een educatiecomplex hebben – een minderwaardigheidscomplex vanwege een nooit afgeronde opleiding), op hun intellectualiteit (Dostojevski? Wat mainstream! Kijk mij, ik lees Russische schrijvers waar nog nooit iemand van heeft gehoord), op hun hang naar voorspelbaarheid, op alles eigenlijk. Een buitengewoon mager boekenweekessay, kortom.

Gelukkig heb ik ook nog andere dingen gelezen, deze Boekenweek: Stern door Thomas Heerma van Voss, Tsjik door Wolfgang Herrndorf en een groot deel van Zeg dat je bij hen hoort door Uwem Akpan. Allemaal meer de moeite waard dan Arctisch dagboek.

5 gedachten over “Boekenweek & boekenbal & boeken overal

  1. Wauw, dat is inderdaad een epistel 🙂 Wat ontzettend leuk om te lezen, ik heb echt heel wat gemist van het Boekenbal!
    Ik hoop dat dit nogmaals georganiseerd wordt, misschien elders in het land, wellicht ook wel weer in Leeuwarden, maar ik zorg ervoor dat ik er de volgende keer ABSOLUUT bij ben!
    Je Boekenweek is hartstikke geslaagd, leuk om te lezen en zaterdag hoor ik graag de anekdotes, zie ik graag je foto’s en klets ik graag bij 🙂

  2. Wat een leuk verslag, Petra! Ik denk dat ik de volgende keer een hotelletje ga boeken. Want dit klinkt zeer de moeite waard. Het ‘essay’ vond ik wel leuk, maar dat had ik al gezegd. 🙂 Jouw verklaring waarom jij het niets vond is ook heel duidelijk.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *